Nieuwjaarsbericht 2026
Zoals ieder jaar, hebben wij ook voor 2026 de veranderingen in de fiscale wetgeving op een rij gezet. Wij zullen in dit nieuwsbericht de belangrijkste wijzigingen toelichten.
ALGEMEEN
Inflatiecorrectie
Ieder jaar wordt een aantal bedragen in de belastingwetten verhoogd op grond van de inflatiecorrectie. Voor 2026 geldt een inflatiecorrectie van 2,9%. Een deel van de aanpassingen in de inkomsten- en loonbelasting wordt beperkt gecorrigeerd ter financiering van het verlaagde btw‑tarief voor cultuur, media en sport.
Invorderingsrente
Wanneer een belastingschuld te laat betaald wordt, gaat de Belastingdienst invorderingsrente rekenen over deze schuld. In 2025 bedroeg deze rente 4% per jaar. Vanaf 1 januari 2026 bedraagt deze rente 4,3% per jaar.
Inzagerecht fiscaal dossier
Sinds 31 december 2025 worden fiscale stukken die relevant zijn voor een aanslag of voor bezwaar vatbare beschikking automatisch beschikbaar gesteld via het digitale portaal; een afzonderlijk verzoek is niet meer nodig. De invoering gebeurt gefaseerd per belastingsoort, te beginnen met de inkomstenbelasting. Omdat de ICT‑systemen nog niet volledig zijn ingericht, geldt een tijdelijke regeling en zal de inspecteur in de tussentijd alle relevante stukken verstrekken totdat zij digitaal zichtbaar zijn
PARTICULIEREN
Tarieven inkomstenbelasting
Sinds 1 januari 2025 kent Box 1 binnen de inkomstenbelasting drie tariefschijven voor belastingplichtigen van 66 jaar of jonger. In 2026 worden beperkte wijzigingen aangebracht in de tarieven en grensbedragen van deze schijven. Het tarief binnen de eerste schijf wordt met 0,07% verlaagd tot 35,75% en de bovengrens van wordt verhoogd tot €38.883. Het tarief in de tweede schijf wordt met 0,08% verhoogd tot 37,56%. Aanvullend wordt de bovengrens van de tweede schijf verhoogd tot €78.426. Het tarief van de derde schijf blijft gelijk op 49,5%.
De tarieven in box 2 worden in 2026 niet aangepast. Voor inkomen uit aanmerkelijk belang blijft het tarief in de eerste schijf 24,5%. Wel wordt de bovengrens van deze schijf verhoogd naar € 68.843 p.p. Voor zover het inkomen groter is, bedraagt het tarief 31%.
Ook het tarief van 36% in box 3 verandert niet. De grens van het heffingsvrije vermogen binnen box 3 wordt verhoogd naar € 59.357 per persoon.
Tarief overdrachtsbelasting
Vanaf 1 januari 2026 is het tarief van de overdrachtsbelasting voor woningen die niet als hoofdverblijf dienen gewijzigd: het percentage daalt van 10,4% in 2025 naar 8% in 2026.
Tarief schenk- en erfbelasting
In 2026 worden de belastingbedragen binnen de schenk- en erfbelasting gecorrigeerd voor de inflatie. Na deze correctie bedraagt de bovengrens van de eerste schijf €158.669. Over dit bedrag wordt maximaal 30% belasting geheven. Boven dit bedrag wordt maximaal 40% belasting geheven. Voor schenkingen aan familieleden geldt een verlaagd tarief afhankelijk van de relatie tussen de schenker en begiftigde.
Beperking Bedrijfsopvolgingsregeling
Binnen de schenk- en erfbelasting kent men de Bedrijfsopvolgingsregeling (BOR). Bij de schenking of het erven van een onderneming kan deze overdracht bij het voldoen aan alle voorwaarden, (gedeeltelijk) vrijgesteld van schenk- en erfbelasting overgaan. Vanaf 2026 wordt de toegang tot de BOR ingeperkt om misbruik tegen te gaan.
Over de voorgenomen wijzigingen van de BOR hebben wij u in een eerder nieuwsbericht geïnformeerd. Echter heeft de wetgever besloten niet alle voorgenomen wijzigingen door te voeren, hierover schreven wij eind 2025 een aanvullend nieuwsbericht. De overige voorgenomen wijzigingen zijn per 1 januari 2026 van kracht geworden. Deze wijzigingen betreffen een strengere bezitstermijn voor overdragers die meer dan twee jaar ouder zijn dan de AOW-gerechtigde leeftijd en uitsluiting van dubbele toepassing van de BOR.
Korting motorrijtuigenbelasting EV’s
Emissievrije voertuigen(EV’s) kenden tot en met 2025 een belastingkorting van 75% op de motorrijtuigenbelasting(mrb). Vanaf 2026 wordt deze korting verlaagd tot 30% van de mrb. Voor plug-in hybride voertuigen gold in 2025 een belastingkorting van 25% op de mrb. Met ingang van 2026 is deze korting geheel komen te vervallen.
Bijtelling emissievrije auto’s
Aanvullend wordt vanaf 2026 de korting voor emissievrije auto’s in de bijtelling verlaagd. Per 1 januari is deze korting teruggebracht van 5% naar 4%, en geldt deze korting tot en met een cataloguswaarde van €30.000. Aangezien het normale bijtellingspercentage 22% bedraagt, zal de bijtelling voor emissievrije auto’s dus 18% bedragen tot en met een cataloguswaarde van €30.000.
Bijtelling youngtimers
Belastingplichtigen die een zakelijke auto van 15 jaar of ouder rijden, konden tot en met 2025 gebruik maken van de youngtimerregeling. In deze regeling wordt de bijtelling berekend over de actuele waarde van het voertuig, in plaats van over de oorspronkelijke cataloguswaarde.
De regeling wordt de komende jaren stapsgewijs versoberd: in 2026 stijgt de minimumleeftijd van de auto van 15 naar 16 jaar. In 2027 wordt de minimumleeftijd verder verhoogd naar 25 jaar.
Versobering ETK-regeling
Werkgevers kunnen onder voorwaarden extraterritoriale kosten voor werknemers die tijdelijk in een ander land werken onbelast vergoeden via de Extraterritoriale kosten(ETK)-regeling. Onder ETK vallen momenteel onder meer kosten voor huisvesting, reizen, extra levensonderhoud en schoolgelden. Vanaf 2026 wordt de regeling echter beperkt, waardoor minder soorten kosten voor een onbelaste vergoeding in aanmerking komen. Extra kosten voor levensonderhoud, zoals maaltijden, gas, water en elektriciteit, evenals extra telefoonkosten kwalificeren dan niet langer als onbelaste vergoedingen.
Vrijstelling groen beleggen
De wetgever heeft het voornemen om per 1 januari 2028 de vrijstelling en heffingskorting voor groene beleggingen in box 3 af te schaffen. In 2026 wordt de vrijstelling desondanks nog geïndexeerd en bedraagt deze €26.715 per belastingplichtige. Per 1 januari 2027 wordt de vrijstelling fors verlaagd naar een bedrag van €200 per belastingplichtige.
Versnelling afbouw Wet Hillen
De Wet Hillen biedt een aftrek aan eigenwoning bezitters die geen of een geringe eigenwoningschuld hebben. Deze belastingplichtigen mogen het verschil tussen het eigenwoningforfait en de aftrekbare kosten voor de eigen woning aftrekken. Vanaf 2019 is de wetgever deze aftrek jaarlijks aan het afbouwen met 3,33%. Vanaf 2026 wordt de afbouw van de aftrek echter opgeschroefd tot een jaarlijkse vermindering van 4,8%, waarmee de aftrek in 2041 geheel verdwenen zal zijn. In 2026 kan nog 71,867% van het verschil tussen het eigenwoningforfait en de aftrekbare kosten in aftrek worden gebracht.
Codificatie van de uitzendregeling
Bij toepassing van de uitzendregeling kan een woning in box 1 belast blijven zolang de eigenaar elders verblijft en de woning niet aan derden wordt verhuurd of gebruikt. Deze regeling was voorheen alleen gebaseerd op een goedkeurend besluit en stond nog niet in de wet. Vanaf 2026 is de regeling wettelijk vastgelegd en uitgebreid, waardoor een eigen woning op verzoek in box 1 belast blijft tijdens een tijdelijk verblijf elders, mits de woning niet aan derden ter beschikking wordt gesteld. Vanaf 2026 kan de regeling ook worden toegepast als de woning wordt gebruikt door een partner of bloedverwant.
Termijn aangifte erfbelasting
Wanneer een erfenis ontvangen wordt dient hierover erfbelasting betaald te worden. Vanaf 2026 is de termijn voor doen van aangifte voor de erfbelasting verlengd van 8 maanden naar 20 maanden. De aangifte erfbelasting dient dus uiterlijk 20 maanden na overlijdenvan de erflater bij de belastingdienst ingediend te zijn.
Verhoging maximumbedrag startersvrijstelling OVB
Per 1 januari 2026 is de maximale woningwaarde waarvoor bij aankoop de startersvrijstelling toegepast mag worden verhoogd. In 2025 bedroeg het maximumbedrag €525.000,-. Per 2026 mag de woning maximaal €555.000,- waard zijn.
Verhoging btw-tarief logies
Vanaf 1 januari 2026 stijgt het btw-tarief op overnachtingen in Nederland van 9% naar 21%. Dit betreft een verhoging voor hotels, pensions, Bed & Breakfasts en vakantiewoningen. Ook diensten die bij de overnachting horen worden tegen 21% btw belast, zoals onder meer gas, elektra & water, sanitaire voorzieningen en parkeervoorzieningen.
ONDERNEMERS
Zelfstandigenaftrek
Al enkele jaren wordt de zelfstandigenaftrek stapsgewijs verlaagd. In 2026 is deze aftrek wederom onderhevig aan een verlaging. Waar de aftrek in 2025 nog €2.470 bedroeg is deze in 2026 gesteld op € 1.200. In 2027 zal de zelfstandigenaftrek volledig zijn afgebouwd tot € 900.
Btw-herzieningsregeling vastgoeddiensten
Met ingang van 1 januari 2026 is een btw-herzieningsregeling in de wetgeving geïntroduceerd voor investeringsdiensten aan onroerende zaken. Op grond van deze regeling dient voor diensten waarvoor btw in aftrek gebracht is gedurende een periode van vijf jaar te worden bijgehouden of het gebruik van de investering wijzigt. Mocht dit het geval zijn dan moet de aftrek mogelijk herzien worden. Onder investeringsdiensten worden grote werkzaamheden aan een onroerende zaak ter waarde van meer dan €30.000 (exclusief btw) verstaan. Dit kan gaan om onderhoud, renovaties, sloopwerkzaamheden of materialen die onderdeel van het vastgoed worden.
TOT SLOT
Ook dit jaar staan we weer klaar om al uw fiscale vragen te beantwoorden. Heeft u naar aanleiding van de nieuwe regels advies nodig? Neem dan gerust contact met ons op. We helpen u graag verder.
